Posted on: June 09, 2010
stuur dit door
De AGW modellen staan er om bekend dat ze vertellen dat hogere temperaturen hebben geleid tot meer en krachtiger orkanen, zoals ook Al Gore in zijn propaganda verkondigt. Al eerder liet ik zien dat deze beweringen waar ook ons
KNMI achter staat niet waar zijn.
Een nieuw onderzoek laat nu zelfs het omgekeerde zien, afname in zonnevleken (en dus minder zonnestraling) leiden volgens
Hodges en Elsner tot meer orkanen. De kans op meer dan drie orkanen per seizoen gaat zelfs drastisch omhoog bij het minimum in de elfjarige zonnecyclus.
De zon probeert nu juist uit het laagste
minimum van de laatste honderd jaar te klimmen. Jaren waarin weinig zonnevlekken vormen en de oceaantemperatuur hoog blijft (en dit komt ook door de zon) leiden tot een minder stabiele atmosfeer en grotere kans op orkanen.
Er is soms zelfs een zelfversterkend effect waarbij door bij minder zonnevlekken de energietoevoer naar de top van de atmosfeer lager is en daardoor de temperatuur boven de orkaan ook. Het grotere temperatuurverschil creëert nog meer instabiliteit en zwaardere orkanen.
Bij hoge aantallen
zonnevlekken is er slechts 25% kans op ten minste één orkaan per jaar, terwijl dit 64% bedraagt bij lage aantallen zonnevlekken.
De onderzoekers gebruikten data van 1851 tot 2008.
De variatie in de totale zonnestraling tijdens een zonnecyclus is slechts 0,15%, maar de variatie in het UV spectrum kan meer dan 10% bedragen en tot 16% in kort UV. De temperatuur in de ozonlaag varieert hierdoor sterk omdat Ozon UV-straling absorbeert.
Bij hogere aantallen zonnevlekken ontvangt de atmosfeer meer UV-straling waarop de ozonlaag opwarmt en de atmosfeer en onder als gevolg ook.
UV-straling tot 240 nanometer zorgt bovendien voor de vorming van Ozon uit Zuurstof (O2 + uv » 2 O, waarna O + O2 » O3) waarbij warmte vrij komt.
Uit deze studie volgt tevens maar weer dat de stelling van het IPCC dat de 0,15% variatie in zonnestraling verwaarloosbaar is, ongegrond is. De variatie in de afzonderlijke componenten van het spectrum (UV, zichtbaar en IR) moet beschouwd worden om de invloeden te kunnen bepalen. Als bij lage totale intensiteit de UV fractie met 10% toeneemt zal het overige dus duidelijk met meer dan 0,15% af moeten nemen.
En dan is er natuurlijk nog de
kosmische factor.
De alom gehanteerde TSI (total solar irradiance) om de warmtebalans via het oppervlak van de aarde te berekenen is een te simpele benadering.
Ga naar hoofdpagina Klimaatfraude
<< Previous Post || Next Post >>
categorie:
Uncategorized,
zon