Posted on: July 02, 2009
stuur dit door
Nieuws van
Physicsworld laat zien dat Global Warming door het IPCC te hoog wordt geschat door onjuiste en slecht gefundeerde aannames van aërosolen effecten in de atmosfeer;
Het effect van de reflectie van zonnestraling door aërosolen in de atmosfeer is een van de grootste onzekerheden in het begrijpen van klimaatverandering. Nieuw onderzoek laat zien dat de officiële schattingen van koeling door aërosolen te groot zijn geweest, wat betekent dat een toename van de totale opwarming kleiner zal zijn dan eerder werd gedacht.
Aërosolen zijn kleine zwevende deeltjes in de atmosfeer die zonnestraling verstrooien of absorberen, een gecombineerde verschijnsel bekend als het directe aërosol effect. Aërosolen die verstrooien - zoals sulfaten, nitraten en organisch koolstof - koelen de Aarde af door een gedeelte inkomende straling terug de ruimte in te reflecteren, terwijl absorberende aërosolen, zoals koolstof (roet, gevormd door onvolledige verbranding van fossiele brandstoffen), de atmosfeer opwarmen.
Wetenschappers weten dat de verstrooïng opweegt tegen de absorptie, en dus dat het directe aërosol effect in totaal leidt tot een globale afkoeling. Er wordt beweerd dat het kan hebben bijgedragen tot een daling van de mondiale temperatuur rond het midden van de 20e eeuw, en maskering van de opwarming door broeikasgassen, die dan later verder zal toenemen als strikte controles op aërosol-emissies van kracht worden.
In haar verslag van 2007 schat het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) dat het directe aërosol effect een netto afkoeling van -0,5 W/m² tot gevolg heeft, hetgeen opwarming als gevolg van antropogeen kooldioxide met bijna een derde zou maskeren. De foutenmarge was echter enorm groot, -0,9 tot -0,1 W/m².
Deze onzekerheid werd vooral veroorzaakt door verschillen in de manier waarop het effect werd berekend. Een optie is het gebruik van computermodellen die schattingen maken van de uitstoot van stoffen die aërosolen produceren en vervolgens van de aërosol productie de absorptie en verstrooïng berekenen.
Het alternatief is het gebruik van de satellieten die de hoeveelheid aërosolen in de atmosfeer meten, in combinatie met metingen op grond niveau van de relatieve sterkte van de aërosol verstrooiing en absorptie. Satellietwaarnemingen geven grotere schattingen voor de koeling.
Gunnar Myhre van het Internationaal Klimaatresearch in Oslo heeft gebruik makend van het Oslo CTM2 aërosol model en metingen van de Spectroradiometer aan boord van NASA's Terra en Aqua-satellieten samen met de gegevens van grondstations van het Aerosol Netwerk van zonne fotometers aangetoond dat er twee belangrijke redenen voor dit verschil zijn.
De eerste daarvan is het feit dat de berekeningen gebaseerd op de satelliet metingen ten onrechte veronderstellen dat de relatieve concentraties van de verschillende aërosolen in de atmosfeer constant zijn gebleven gedurende het gehele industriële tijdperk.
Dit vormt het probleem omdat het vast stellen van de koelende werking van antropogene aërosolen werkt met aftrek van het effect van aërosolen die van nature al aanwezig zijn in de atmosfeer, met andere woorden uitgaande van de relatieve sterkte van de verstrooiing en absorptie voor het industriële tijdperk.
Het blijkt nu echter dat de uitstoot van roet (koolstof) is toegenomen met een factor van meer dan zes, en dat de toename van de verschillende verstrooïende aërosolen is gestegen met maar een factor van slechts drie of vier.
De tweede reden is dat satellieten niet in staat zijn geweest om gegevens te verzamelen over aërosol verstrooïng boven lichte oppervlakken - zoals de polaire ijskappen - omdat de lichtverstrooïng van het oppervlak zelf al zo sterk is. Dit heeft geeft geleid tot overschatten van de globale afkoeling door aërosolen omdat de dichtheid van aërosolen boven de ijskappen veel lager is.
Door de twee benaderingen in overeenstemming te brengen, berekende Myhre een nieuwe schatting van -0,3 W/m² voor de koeling door het directe aërosol effect.
Hij zegt dat dit de toekomstige prognoses van de opwarming van de aarde vermindert. Dit komt omdat de verwachte daling van de aërosol productie in werkelijkheid niet zal leiden tot een dusdanige temperatuurstijging zoals eerder gedacht werd.
Sterker nog, hij schat dat het rechtstreekse aërosol effect op dit moment maar 10% van de opwarming van de aarde compenseert.
------------------------------------------------einde
Dit aërosol effect is maar een van de zovele factoren (feedbacks) die het IPCC uit de mouw schud en in haar modellen stopt, waarbij getallen als input gebruikt worden die een veel te grote onzekerheidsmarge hebben om ook maar iets zinnings op te kunnen leveren.
Dit gegoochel met getallen wordt alleen maar gebruikt om de modellen te tweaken zodat ze gelijk gaan lopen met de gemeten waarden van de temperatuur. Er gaat totaal niets voorspellends van uit.
Verder is het frappant dat alle feedbacks die in de modellen gestopt worden zorgen voor een hogere uitkomst, dus ten alle tijde opwarming.
Ga naar hoofdpagina Klimaatfraude
categorie:
Uncategorized,
feedbacks