| << | May 2013 | >> | ||||
| Sun | Mon | Tue | Wed | Thu | Fri | Sat |
| 1 | 2 | 3 | 4 | |||
| 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 |
| 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 |
| 19 | 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 |
| 26 | 27 | 28 | 29 | 30 | 31 | |

Het onderzoek vond een 200 jaar lange koude en natte periode met een sterke toename van de voorjaarsstormen. Deze veranderingen houden verband met veranderingen in de stratosfeer die ontstaan door variaties in UV-straling van de zon. Deze kettingreactie verklaart waarom schijnbaar kleine variaties in zonneactiviteit toch duidelijk effect hebben op het klimaat.
#####
Opvallend is de gevonden toename van wind en vochtigheid bij lagere temperaturen. Dit staat loodrecht op de AGW visie dat deze 'extremen' gaan toenemen bij hogere temperaturen. Het idee van positieve feedback door waterdamp blijkt wederom niet te kloppen met de realiteit, zoals ik al beschreef in Waterdamp feedback omgekeerd aan die van de broeikashypothese.
De genoemde periode van 200 jaar komt precies overeen met de perioden van Groot Minimum naar Groot Maximum in zonneactiviteit zoals beschreven door Kees de Jager.
Merkwaardig is verder dat onderzoeker Brauer zegt dat de genoemde kettingreactie als een positieve feedback werkt. Er is namelijk helemaal geen feedback, slechts een (positieve) versterking. Een feedback is terugkoppeling op de oorzaak van een verandering. Dat zou in dit geval betekenen een versterking van de UV-straling (de oorzaak) door de veranderde temperatuur en/of vochtigheid (het gevolg), en daar kan uiteraard geen sprake van zijn.
Een eerdere studie die ik hier beschreef kwam al tot de conclusie dat minder UV tijdens zonneminima tot meer orkanen leidt, ook in contradictie met AGW.
