Posted on: August 05, 2010
stuur dit door
Ross McKitrick heeft een
rapport uitgebracht over zijn bevindingen aangaande het GHCN netwerk dat de landtemperaturen bijhoudt die gebruikt worden door GISS, CRU en NOAA.
Het is duidelijk dat er alles aan gedaan is om de gemiddeld globale temperatuur op peil te houden. Eerst zorgde men er voor om vanaf 1979 selectief meer dan de helft van de stations uit het systeem te gooien.
3500 van de 6000 stations werden in tien jaar tijd uit het netwerk gehaald alhoewel de meeste nog wel steeds bestaan. Het betreft bijna allemaal landelijk gelegen stations die niet meer bekeken worden, de stedelijke gebieden blijven en nieuwe meetpunten op (warme) vliegvelden komen er bij.
Daarbij zorgt men er voor dat de resterende meetpunten zich in de warmste gebieden bevinden, dus zo ver mogelijk van de polen en dichter bij de evenaar.
En dan let men er op dat ook de hoger gelegen stations in bergachtige koude gebieden gedumpt worden.
En zo weet je in ieder geval zeker dat je nooit te lage temperaturen meet. Ja, toeval bestaat maar dit is een aanfluiting.
Verder bespreekt McKitrick een groot aantal problemen rond de metingen zelf zowel op land als op zee.
Hier nog een overzicht van de invloed van de populatie rond een meetpunt op de gemeten temperatuur.
<< Previous Post || Next Post >>
categorie:
UHI,
Uncategorized,
temperatuur