Posted on: February 28, 2009
stuur dit door
Statistisch gezien vind er elke 50 jaar een supernova plaats in een sterrenstelsel van de omvang van onze melkweg. Vanwege de belemmeringen in het vlak van de melkweg kunnen wij met het blote oog echter slechts de meest nabije explosies zien, en heeft de huidig levende bevolking er geen gezien.
Vroege Chinese en Arabische astronomen hebben supernova uitbarstingen in de melkweg gedocumenteerd die plaats vonden in het jaar 1006 (SN 1006) en 48 jaar later (SN 1054).
Sommige geschriften zeggen over SN 1006 dat er een explosie zichtbaar was aan de hemel die half zo groot was als onze maan, en ze scheen zo helder dat dingen in de omgeving s'nachts zichtbaar waren.
We weten dat deze verhalen geen fantasie zijn want we zien nu nog de restanten van deze supernovae, SN 1006 zien we nu als de
Krabnevel.
Maar nu is er ook bewijs op aarde gevonden, Japanse wetenschappers hebben de eerste bewijzen van supernovae in een ijsboorkern gevonden.
De
gamma straling van
nabije supernovae heeft een duidelijke invloed op onze atmosfeer, met name de extra produktie van Stikstofoxiden.
Ijsboorkernen worden al langer gebruikt om een idee van het klimaat in het verleden te krijgen, maar zijn ook bruikbaar om sommige
kosmische veranderingen uit af te lijden.
In 1979 werden aldus sporen van het Nitraat-ion NO3- gevonden in monsters van Antarctica die correlatie vertoonden met de supernova van Tycho Brahe (1572), Kepler (1604) en SN 1181.
Hun bevindingen werden echter niet ondersteund door bestudering van ijsmonsters elders.
Maar in 2001 boorde een team Japanners een ijskern uit tot 122 meter diep op Antarctica. Op een diepte van ca. 50 meter die stamt uit de elfde eeuw werden drie pieken in de Stikstofoxide concentratie gevonden, waarvan twee 48 jaar uit elkaar lagen overeenkomend met de tijdsduur tussen SN 1006 en SN 1054.
Het team speculeerde dat de derde piek veroorzaakt werd door een onbekende supernova die alleen zichtbaar is geweest op het Zuidelijk halfrond.
Daarnaast vonden ze een ca. tienjaarlijkse variatie in het achtergrond niveau van Stikstofoxide die zo goed als zeker veroorzaakt wordt door de elfjarige zonnecyclus, hetgeen al eerder gezien is in ijsmonsters.
Nu is echter voor het eerst een duidelijke elfjaarlijkse zonnecyclus gevonden in periodes voorafgaand aan de optekeningen van zonnevlekken door Galileo Galilei aan de hand van zijn telescopische waarnemingen.
Het team gaat verder op zoek naar sporen van dieper gelegen aanwijzingen voor eerdere supernovae en de historische activiteit van onze zon. Momenteel zijn ze bezig om de laatste 2000 jaar in kaart te brengen.
<< Previous Post || Next Post >>
categorie:
Uncategorized,
kosmos